Posts tonen met het label bevruchting. Alle posts tonen
Posts tonen met het label bevruchting. Alle posts tonen

zaterdag 17 maart 2012

liefde aan een zijden draadje (verhaal)

Vorig jaar liep ik te grasduinen over een veldje waar welig het onkruid tierde, toen mijn aandacht getrokken werd naar een minuscuul spinneke. Niet groter dan pak weg 2 millimeter. Benieuwd kijk ik nauwkeurig toe. Werkelijk, een schriel beestje. Eigenlijk alleen poten, een lijf is er nauwelijks. Zou dit soms de mannelijke versie van de kruispin kunnen zijn? Nee, ons manneke heeft geen kruis op de rug. Wat heet, hij heeft nauwelijks het begin van een rug, het scharminkeltje. Maar deze minuscule Don Juan, is denk ik wel degelijk een kruisspin. Het zal zo duidelijk worden want ik ga hem in het web van zijn vrouwelijke tegenhanger, de ware kruisspin, brengen. En warempel, hij reageert onmiddellijk. Ruikt hij het web, voelt hij het? Als een volleerde balletdanser tapdanst hij het web op en met het grootste gemak gaat hij richting centrum van het web, daar waar hij zijn geliefde en zijn noodlot verwachten kan.

IMG_2794

Stel je hem eens voor naast het vrouwtje; wat een groteske wanverhouding. Ons kleine schuinsmarcheerdertje naast dat immense vrouwtje met dat enorme achterlijf. Een ware kenau is het, maar hij zal het er, ehh, mee moeten gaan doen; het is zijn lot, zijn noodlot èn zijn verrukking. We bevroeden wat een roekeloze avonturiersgeest dat mannetje wel moet hebben, en we mogen ons verwachten op een boeiend schouwspel nu hij op vrijersvoeten blijkt.
En ja hoor, op avontuur is hij; hij maakt de queeste van zijn leven, op zoek naar zijn graal, naar gelukzaligheid en levensvervulling. Ahh, jaloersmakend. Dat is het. Maar wacht, zijn tocht is ook een barre tocht en gaat echt over draden met voetangels en klemmen. Hij moet het uiterste van zijn raffinement in het spel brengen om te slagen, en hij mag niet mislukken. Het voortbestaan van de soort hangt er van af.
Het mannetje blijkt, zo klein als hij is, een arsenaal aan verleidingskunsten in huis te hebben, maar ook een fenomenale alertheid, en een bliksemsnel reactievermogen. En hij heeft die nodig ook. Allereerst moet hij zien dat ze hem niet grijpt met die enorme kaken, want dan is het einde missie. Dan is zijn queeste mislukt; weg nageslacht. En zijn ondernemen is uiterst riskant, want eens op het web aanbeland, is hij in principe doodgewoon prooi zoals elk ander insect, vrijersvoetjes of niet. Hij moet haar in trance brengen, zodat ze tenminste tijdelijk van de kaart is en hij zijn zinnen op de liefde kan zetten. En daar blijkt zijn derde grote gave: hij is een crack in hypnotiseren.

We moeten ons eens even realiseren: hij moet het voor mekaar zien te krijgen om deze ijzingwekkende schoonheid zò te benaderen dat ze hem niet direct de dut injaagt, wat wel haar eerste bliksemende impuls is. Als zijn verleidingskunsten mislukken, krijgt hij onherroepelijk een beet van die twee scherpe gekromde holle kaken waar het verlammende zenuwgif rijkelijk uit zal stromen. Uitgeteld zou hij zijn, vóórdat hij ook maar het begin van liefste had kunnen zeggen. Gepakt en gemazzeld zou hij worden. En driftig rondgedraaid tussen haar poten alsof hij in een rad van avontuur zit en als ware hij de klos omwikkeld in oersterke zijde, het beste en fijnste wat de natuur op dit gebied heeft kunnen evolueren. Kneveldraad, geweven tot doodskleed, slechts één van het scala aan draden wat dit griezelig adequate wezen tevoorschijn kan sprietsen uit haar 6 spintepels. Maar hij is een behendige vrijer en anders dan het geval is bij een of ander insect, blijkt hij niet gehandicapt op die kleverige draden. Ah, nee, integendeel.
Maar toch zal zijn leven weldra letterlijk en figuurlijk aan een zijden draadje hangen. Want ook zij nadert snel. En, oh, verrassing, wat een indrukwekkend effect. Als een volleerde Don Juan, benadert hij haar, overduidelijk voorzichtig brengt hij zijn voorste paar poten naar voren, en trommelt en roffelt op het web. De dame raakt onmiddellijk in trance en komt vrijwel meteen slap als een vaatdoek, in haar kogelronde hoedanigheid, bewegingloos aan een paar draden te hangen.
Hij nadert haar, duidelijk uiterst behoedzaam, regelmatig nog een hypnotiserend roffeltje weggevend. Ik sta paf. Hoe heeft zich een dergelijk gedrag kunnen ontwikkelen? Maar nu? De feitelijke beproeving zal nog moeten komen, de paring. Hij moet zijn postpakketje sperma met een van zijn voorpoten bij haar in de geslachtsopening deponeren. Jawel, daarbij zal hij onder langs haar kop moeten passeren, en dan komt hij in de onmiddellijke nabijheid van haar beide kaken. Hoe gaat hij dat voor mekaar krijgen. Het wordt spannend, en gebiologeerd kijk ik toe.

Verrek, maar kijk nou toch, hij knipt alle draden op één na door, zodat zij nog maar aan een enkele draad hangt. Aha, de smiecht, hij is zich een veilige aftocht aan het garanderen. Het lijkt wel beredeneerde opzet. Je zou bijna denken, dat hij een slim plannetje aan het uitvoeren is. Maar toch, het is allemaal genetisch geprogrammeerd zeggen de ethologen. Niks intelligent design, al heeft het daar wel de schijn van. Hij zal gaan paren en maakt zich tegelijk klaar om als de wiedeweerga de aftocht te blazen bij het minste zuchtje vrouwelijk onraad. Aan zijn omzichtige handelen is te zien hoe hij op zijn quivive is. En niet ten onrechte, blijkt, want oh, ik schrik ervan, de dame roert zich onverwacht, komt kennelijk uit haar trance en onmiddellijk is hij weg. "Blijf toch weg jongen”, mompel ik, “wat doe je toch ook." Maar de natuur verwacht dat hij zijn verplichtingen als mannetjeskruisspin nakomt. En reeds zie ik hem op zijn vrijersvoetjes tip-toe-end terug komen in het web. Dat is nog eens wat anders dan het fantasieloze, vanzelfsprekende en risicoloze vrijersgedoe waar menig mensenmannetje zonder veel omhaal aanspraak op maakt.
Het spel gaat door in een pas de deux op leven en dood. Voor hem zal het de dood worden, voor zijn nageslacht het leven. Inderdaad, het eind van het liedje is dat hij het na enkele pogingen voor mekaar heeft gekregen. Had hij het daar maar bij gelaten, maar nee, noch een keer langs die kaken. Een keer te veel. Zij neemt hem bliksemend te grazen bij zijn laatste eigenlijk overbodige toenaderingspoging. Was hij even wat minder geconcentreerd? Moe geworden? Kon hij er niet mee ophouden? Of heeft de natuur hem maar net genoeg respijt gegeven om zeker te zijn dat hij zijn "liefdes"-daad kon verrichten. Hoe dan ook, korte pijn, maar bij bewustzijn blijft hij tot het grote moment daar is dat hij zich ten tweeden male aan zijn nageslacht kan geven. Veel zal ze niet aan hem hebben. Zoveel biefstuk zit er niet aan dit scharminkeltje. Maar biefstuk is niet interessant in dit verhaal. Hij heeft zijn taak volbracht, hij leeft voort in zijn kroost, en de toekomst van de soort is veilig gesteld.

woensdag 7 maart 2012

sex, een truc van de natuur (artikel)



Wie is er nou zo gek om een beschouwing te gaan wijden aan bevruchting, meestal een ongewenst, misschien zelfs wel  taboe-onderwerp.  Nou, ik dus, want het is een uitermate boeiend onderwerp en ik weet bijna wel zeker dat jullie het ook interessant zullen vinden. Immers, het gaat over ons. Ah, denk niet dat je er al alles van af weet. Nee hoor, vergeet het maar; niets is minder waar. Ach, ja, misschien vind je bij voorbaat dat wat je niet weet ook niet interessant of niet belangrijk is? Misschien vind je het gênant om die emotioneel toch wel beladen begrippen zo maar naast elkaar te zien staan. Tja als je er zo over denkt, dan houdt het hier voorlopig op voor je, tenzij je je over je schroom heen weet  te zetten, en dat zou ik je toewensen. Want, nee, dit wordt geen schuin platvloers sex-verhaal, ook al staat er dan >16 boven.

 Ja, ik snap het, je kunt je bij het topic, bevruchting,  niet zo gauw iets voorstellen. Maar als ik nu eens begin met je te vertellen dat het proces van bevruchting doorgaans plaats vindt in de nasleep van goede sex, binnen een toffe relatie met perspectief, begint dan je fantasie niet al een tandje hoger te draaien? Je gaat  vast in een nog hogere versnelling bij begrippen als minnekozen, vrijen, coïtus, neuken, aftrekken, bevredigen, pijpen, beffen,  orgasme, allemaal activiteiten die je samen, de een met de ander, onderneemt en waar je als adolescent of volwassene,  liefst samen met een ander, heel veel plezier aan kunt beleven. Er zijn er niet veel onder ons die bij het lezen van deze begrippen niet een aangename hunkering ervaren en er koeltjes bij kunnen blijven zitten. Dat is zelfs de nonnen in het klooster van Zr Gertrudis vermoedelijk niet gegeven. Nu dan, even vol er tegen aan: bevruchting is een proces dat zich afspeelt tussen een eicel en spermacel, in het lichaam van de vrouwelijke partner, en dat zich volkomen buiten haar wil om voltrekt. Je had het als je dat gewild had kunnen verhinderen door het te voorkomen, dat wil zeggen zorgen dat er geen sperma ook  maar in de buurt van de baarmoedermond kan komen.  Want is dat wel het geval, dan is het ook meteen beng! Ook als man, toch de leverancier van de succesvolle spermacel, die als een van de velen in een trance naar de eicel toegezwommen is (niet de man maar de spermacel), aangetrokken door haar geur, op dat nivo dus ook al, sta je daar volkomen buiten, ook al zit je er nog zo diep in. 

Een spermacel? Ik kan me voorstellen dat dit woord je weinig zegt. Maar sperma, dat zegt je toch zeker  wel iets? Sperma  is immers dat wittige, enigzins plakkerige, mja, niet onaangenaam ruikende goedje, dat een man uitstoot als hij klaar komt, alleen, met haar of met hem. Normaal gesproken  komt dat spul niet zo maar ergens terecht natuurlijk. Als je als minnaar geluk hebt, en zij wil, oh zaligheid, niks  weten van condooms, maar wil zich wel houden aan PO, ja stom natuurlijk  maar dat komt nog steeds voor, dan wordt dat sperma netjes opgevangen door haar, de teerbeminde, en komt ergens bovenin haar vagina terecht, waar het wordt opgezogen door de baarmoedermond. De  geliefde gaat er vervolgens, of hij de leverancier het er mee eens is  of niet, en of zij dat nou wenst of niet, mee “van door”. Hij staat, na behoorlijk veel inspanning overigens, en na veel gesteun en gekreun, ook van haar kant, iets af en zij krijgt er iets bij, zijn sperma namelijk. En hoera, want precies op dat punt op de tijdlijn begint mijn kleine overdenking. Hahaha, wees gerust, dit wordt geen kerkelijke  uiteenzetting.  Maar, even serieus,  dat zou eigenlijk heel best gekund hebben, want de kerk heeft bij monde van zijn celibataire dienaren, uitvoerig maar vruchteloos over het fenomeen bevruchting nagedacht, en heeft zich afgevraagd wat er  nou zo zondig aan is en wat niet,  in een vergeefse poging om die in haar ogen voor haar dienaren en voor het kerkvolk  zo aantrekkelijk schandalige driftmatige neigingen onder controle te krijgen.  Hèhè, pfoei, een hele mond vol. Zij, de celibatairen dus,  hebben zich van dit zwoele oergebeuren  van eicel en sperma afgekeerd, maar het fenomeen  is hen daarna eerder meer dan minder  bezig gaan houden. Vervolgens  heeft de Kerk met het volle gewicht van haar bisschoppen alles in het werk gesteld om het op dat punt de mens zo onaangenaam mogelijk te maken.

Wat er zo bijzonder is aan dat punt op de tijdlijn? Allez hè,  het hoogtepunt natuurlijk, met zijn ontlading, die bij de man een prettige zekerheid is en bij de vrouw een boeiend mysterie dat om voortdurende aandacht vraagt, en uiteraard aan alles wat er daaraan vooraf gaat aan voelen, tasten, strelen, wrijven, duwen, trekken, knijpen, kortom een hele actie-vocabulaire, ah ja, neuken niet te vergeten. Ah werkelijk, teveel om op te noemen, en allemaal activiteiten die bedoeld zijn om dat ene punt te bereiken en liefst nog verder in de hoogte te stuwen, het hoogtepunt dus. Van wat? Hè?  Van ons natuurlijk: ons sexuele hoogtepunt. Eigenlijk kan van alles onder die ene sexparaplu gebracht worden, want sex is een grandioos feest van het leven, of minstens behoort het te zijn. Daarin wordt door onze voorgangers over het algemeen maar een mager voorbeeld gegeven, door burgemeester Ilse (uit Aelst) bijvoorbeeld, van hoe het,ehh, nou ja, ….moet, ja, vul het zelf maar in. Tjé, zei ze later, toen dat filmpje voor iedereen op Youtube stond , nog altijd overtuigd van haar gelijk, dat gebeuren was eigenlijk wel privé, daar had niemand zaken mee. Ze stond, blijkens het filmpje, nochtans open en bloot, ja, ik kan het me zo goed inleven hè, zo lichtelijk voorovergebogen en benen wat gespreid, vandaar dat ze zo kleintjes overkwam,  achter de borstwering, beide handjes er op, terwijl ze door hem van achteren met vaart gefrequenteerd werd. Het liet aan duidelijkheid allemaal niets te wensen over,  met volle inkijk eigenlijk in haar psychische en lichamelijke onwelbevinden. Dat ik dit zo maar durf aan te halen? Nou het filmpje stond tot voor kort nog steeds op Youtube, voor iedereen vrijelijk toegankelijk. Ik geloof dat het nu eindelijk weggehaald is. Volgens sommigen zou dit een verkiezingsstunt kunnen zijn, maar dan wel een met  bizar veel overtuigde persoonlijke inzet, en kom daar maar eens om tegenwoordig. Nou ja, Ilse had het zich mede gezien de reacties wat gemakkelijker kunnen maken, maar ja, zal ze gedacht hebben, je moet er wel wat voor over hebben, om als vrouw burgemeester te kunnen blijven, en een nummertje reggae is ook nooit weg. Ja, nou, doe het ook maar eens, zo hoog verheven tussen de kantelen van een Middeleeuwse Burcht, en zo open en bloot. Die kantelen  zouden het eens moeten begeven. Je weet maar nooit met die ouwe rommel. Eigenlijk was het een beetje zot om daar zo tegen aan te staan duwen. Die plek was trouwens wel goed gekozen, want het is immers een cultuurmonument. Nee, hmm, toch niet helemaal normaal eigenlijk. De ongeïnteresseerde houding van de man, haar vriend, tijdens zijn activiteiten achter haar rug, is daarbij een raadsel. Hem lijkt het namelijk niet veel te doen. Hij kijkt om zich heen alsof hij op zoek was naar de brievenbus, rook tussen door eens aan  zijn vingers en vroeg zich waarschijnlijk af wanneer het nou eens gedaan was. Maar ach, net als in de kerk, in de politiek weten ze niet van opgeven, kijk maar naar Steve Stevaert, die heeft aan zijn corrupte praktijken ook weer een mooie krul gegeven. Het schijnt trouwens, dat Ilse wel vaker zo’n stunt uithaalt; nee jongens sorrie, spijtig voor jullie, maar niet met de lagere ambtenaren van achter de balie. Het achterwerk is voor de hogere leden. Ja, ja, ik weet het, jullie zouden ….Nee, inderdaad, laat maar…Bij nadere beschouwing en zeker na dat interview in de krant waar ze te kennen gaf er "ondertussen" nog steeds geen graten in te zien, en als Burgemeester aan te willen blijven, ben ik het ook maar een, ja “een lekker wijf” gaan vinden. Ja, wat moet je als man anders?  En Jef vindt dat ook, zoals hij me laatst wat mokkig toevertrouwde. Ja, zei hij, “den duvel sch…”. Jammer, maar Jef zal nu wel helemaal geen kans meer maken.

Een sexuele ontmoeting duur meestal maar kort, want in het huishouden geldt doorgaans dat als  het "eenmaal begonnen is, dan rampetampen we in één ruk door,  tot dat we, liefst tegelijk, dat ene piekpunt bereiken". Een vluggertje als dat van Ilse neemt doorgaans niet meer dan een minuut of vijf in beslag, wat de buurman ook moge beweren.  Als zij geluk heeft en hij al wat ouder en wat eerder moe is, en noodgedwongen zijn drift voor meer tederheid moet inruilen, dan levert dat wat aangename tijdwinst op, en dat is wel zo ontspannend.  Maar hoe dan ook, het is op afstand het grote spel van de natuur en het spel is gericht op, juist, de voortplanting, ja hoor: het in stand houden van de soort, dat zijn wij, met ons allen. Dat is dus wel heel wat anders dan het vlug verschaffen van wat genot: "Jef, en,  hoe was ze in bed?" is dus eigenlijk lulkoek.

 Met de introductie van de pil is sex losgekoppeld van de voortplanting en een geïsoleerd fenomeen geworden. Daarmee  is het gebeuren tevens van de diepere zin en van het mysterie beroofd, namelijk voorspel te zijn voor dat grandioze gebeuren: de daaropvolgende bevruchting, het opwekken, het wakker maken van de eicel, die daarmee tot een eitje wordt, iets dat kan ontwikkelen, waarmee  de kiem gelegd wordt voor nieuw leven, een nieuwe mens.  Daar kan de witte Tovenaar in Orthanc, met  zijn Orcs niet tegen op. Dit, beste lezer, is hèt grote wonder in de natuur.

Het zou kunnen jongeman, dat  jij je in bed triomfantelijk heer en meester voelt, maar je bent gewoon, net als iedereen slaaf van je instinctieve neiging, door de natuur verzonnen en opgelegd om één zaak zeker te stellen: de voortplanting, want in de natuur draait daar alles om.  Dat kleine pleziertje zij je gegund, maar uiteindelijk ben je doodgewoon, net als alles wat mannelijk is,  de klos. Alle leven, plantaardig of dierlijk, speelt dit spel, en is er soms helemaal aan verslingerd ook, kijk maar naar de Bonobo’s,  behalve dus onze religieuzen. Officieel dan, want privé ligt of staat dat allemaal heel anders, zoals elke misdienaar van mgr VanGheluwe weet en soms ook aan den lijve ondervonden heeft. Deze brave bloedworst bestond het om tot rechtvaardiging van zijn kindermisbruik, staande op een spreekgestoelte nota bene in een universiteitsaula letterlijk te beweren: "zo lang het zaad er niet uitspuit, is het geen zonde". Daarmee heeft hij dus alle adolescenten veroordeeld om hun zondige gedrag, en heeft hij  zichzelf gekroond met de opperste stompzinnigheid als symbool van zelfbedrog. Maar , allez, ik zou het hier niet over sex hebben en waar die drift allemaal toe kan leiden. Als je op de hoogte wil blijven kijk dan maar liever naar BNN, of lees het zoveelste sexartikel van Goedele, die, ehh, is het jullie ook zo opgevallen, weer eens geflopt is, en die een steeds lagere stem begint te krijgen, zou dat komen van de testosteron die ze slikt?; of de memoires van VanGheluwe, die ongetwijfeld binnenkort geveild worden en door een of andere journalist uit Hasselt  met subsidie van de gemeente worden uitgegeven. Nee, het onderhavige  exposé gaat over voortplanting, wat een zuiver en edel doel is. Vergeef me mijn lichtelijk badinerende toon, maar dat moet wel bij zo’n ernstig onderwerp. Sex is daarbij wel nodig maar is een bijkomend fenomeen.  In feite is het een toegift om de partners in het gebeuren zover te krijgen, dat hij zijn sperma bij haar naar binnen kan brengen. We kunnen ons nog zo bezig houden met sex, maar het is en blijft een randgebeuren, wat Goedele ook mag beweren. Dat orgasme van haar kan ze in haar "Orgasmeboek" nog zoveel  opblazen, het is in het verband van de natuur en in het verloop van een menseneven van tertiair belang, net zoals haar mening trouwens.  Ze weet dat ook best, maar probeert toch de veronderstelde belangstelling voor haar orgasme als financieel melkkoetje uit te buiten. Het moet haar wel slecht gaan zeg. Wat is het anders dan  een ietwat veredelde vorm van prostitutie om zo je eigen lichamelijkheid, weliswaar in boekvorm, te koop aan te bieden. Als je dus iets over sex wil lezen, ga dan maar liever kijken op internet, maar kijk dan wel uit dat je niet bedolven raakt onder het overweldigende aanbod van pagina’s over vagina’s en gelul over lullen, en de stompzinnige zich alsmaar herhalende ongebreidelde fantasie daaromtrent, doorgaans van de grootst mogelijke platitude. Daarin doet het niet onder voor het astrologie-gezever, dat naast de kookshows, gelukkig heten de koks niet allemaal Piet, zo’n opgang beleeft. Tja, het levert geld op, maar ik moet er niet aan denken dat ik langer dan drie seconden tegen een van die betweterige wijzen, eh, ja, wijzen, hahaha, aan zou moeten kijken. Nog niet al win ik er de Lotto mee. Geloven in je eigen ongeloof. Niet te geloven. Treurig nageslacht.

Waar zou ik het dan wel over willen hebben? Wel, over het avontuur van een eicel en haar uitverkoren spermacel, en de scheppingsdans die door deze twee halve garen uitgevoerd wordt. Halve? Ja, halve, ze missen namelijk een helft, van het aantal chromosomen. Bij de mens 48: 24 in de spermacel en 24 in de eicel, samen voltallig. Daar mag niets mis mee zijn of gaan, want dan scheelt er iets ingrijpends aan de erfelijkheid. Dan wordt er een mongooltje geboren of een kind met een open ruggetje of zoiets ergs. Ja, het is een blij maar ook heel indringend gebeuren; het ligt aan de basis van het leven, ook dat van ons. We zijn, mogen we aannemen, allemaal uit een liefdesspel tussen twee mensen geboren, maar dieper liggend nog, zijn we het resultaat van het treffen tussen die twee cellen: de eicel en een spermacel. Valt je niets op? We spreken van de  eicel en één spermacel.  Dat komt omdat er maar één eicel in het spel is maar een paar miljoen spermacellen, waar er tenslotte maar één van uitverkoren is. Ik besluit dit eerste deel  met een citaat: "Es ist  kein Tierchen so froh wie ein Spermatozo". Waarom? ha,ha, omdat die spermacel als enigste uitverkoren is om met de eicel te versmelten natuurlijk. Alleen weten ze dat pas aan het eind van de race. Dat was een leuk zinnetje uit mijn studententijd, dat als tussenwerpsel bij discussies met veel jolijt, en altijd met goede zin, te pas en te onpas vanachter de bekende schuimkraag, werd geventileerd. Goed, wacht even. Bij dit proces zijn dus drie aspecten te onderscheiden. Ten eerste wordt de kop van de spermacel door en in de eicel opgenomen, de bevruchting, hoera,  en  komt het DNA van de man dat vervat is in de chromosomen vrij, en wordt beschikbaar voor de sturing van de embryonale ontwikkelingsprocessen. Ten tweede wordt een afschermingsmechanisme actief dat verhindert dat er nog meer spermacellen in het ei kunnen binnendringen; dat zou namelijk desastreus zijn. Ten derde de activatie van de eicel, die daardoor van een rusttoestand over gaat in een proces van embryonale ontwikkeling dat uiteindelijk resulteert in nieuw mensenkind. Daarover een volgende keer.